Verslag raadsavond informeren 26 maart 2009


Verslag raadsavond informeren 26 maart 2009

Aanwezig: Arend Steenbergen (voorzitter), Jan Ballast, Rob Berkenbosch, Bert Boersma, Bert Bouwmeester, Jan Braam, Erik Giethoorn, Ellen van Heugten-Steenbergen, Anno Wietze Hiemstra, Gert Huijgen, Hendrikus Loof, Jerk Otten, Bert Otten, Henk Prigge, Wicher van Regteren, Henk Reinders, Jan Stoefzand, Mark Tuit, Gert Vos, Wim Warrink, Henk van de Weg, Jan Alting, Jan Bekkering, Hetty Bouius, Frits Nijland, Jan Pieter Wind (griffier) en Alma van Dooren (commissiegriffier).

Aanwezig namens het college: wethouders Wietze van der Zwaag en Ton Bargeman.

Aanwezige ambtenaar: Rients Turkstra.

Verslag: Zwaantinus Jeuring (Notuleerservice Nederland).

De agenda luidde als volgt:
1. Spreekrecht.
2. Programma Hoogeveen ontwikkelt.
3. Operationeel beleidsplan Onderhoud Wegen.
4. Rondvraag.

Het volgende werd naar voren gebracht.

De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen welkom, speciaal de klas van het Alfa-college.

1. Spreekrecht
Er wordt geen gebruikgemaakt van het spreekrecht.

2. Programma Hoogeveen Ontwikkelt
De voorzitter geeft het woord aan de wethouder voor de presentatie.

Wethouder Van der Zwaag geeft een presentatie van de stand van zaken bij het programma Hoogeveen Ontwikkelt.
De in 2004 vastgestelde Fysieke Structuurvisie is de basis van alles wat in het programma Ontwikkelt gebeurt. De wethouder noemt de hoofduitgangspunten uit de structuurvisie die leidend zijn voor het programma Ontwikkelt:
• Hoogeveen streeft een beheerste groei na.
• Hoogeveen wil een goede woongemeente zijn.
• Hoogeveen wil een goede centrumgemeente zijn.
• De dynamiek wordt gehaald uit de bedrijvigheid en de bereikbaarheid van Hoogeveen. Vandaar de relaties met de programma’s Werkt en Bereikbaar.
De wethouder geeft vervolgens de stand van zaken bij de uitvoering van het programma.
De ambitie op het onderdeel ‘groei’:
• Het streven was erop gericht jaarlijks 250 woningen en een toename van de bevolking met 203 inwoners te realiseren.
• De getoonde dia toont het beeld over de periode 2005-2009: in de kern zijn 621, in de dorpen 266 en in het landelijk gebied 0 woningen zijn gerealiseerd. Totaal dus 887 woningen. Ten opzichte van de doelstelling zijn 113 woningen te weinig gerealiseerd.
• Het grootste knelpunt zit in bouwen in het landelijk gebied, daar is niets gerealiseerd. Het voornemen was te bouwen in de Groene Ketting en aan het water.
• De toename van de bevolking is precies volgens de planning: plus 203. Dit kwam vooral door de natuurlijke aanwas, terwijl de migratie ver achter bleef vergeleken met de planning.
De wethouder geeft een opsomming van waar de gemeente mee bezig is:
• Krakeel: Hier is al veel gerealiseerd. Het aanpassen van de hoofdroute loopt nog. De aanleg van de fietsbrug is gestart. De sociale projecten worden in De Smederijen ondergebracht.
• Herstructurering Schoonvelden: Dit is grotendeels afgerond. Bekeken wordt of op termijn woningbouw aan de kant van de koppeling mogelijk is. De lpg-vulpunten vormen nog een belemmering.
• De Verzetsbuurt: De wijk is een al activiteit, er gebeurt veel. De wethouder is blij met de deelname van de inwoners aan het interactieve proces. Woningverbetering en aanleg riolering zijn de grootste werken. Een aantal woningen is gesloopt. Er was enkele maanden geleden een grote belangstelling voor huur- en koopwoningen. Anders dan in andere wijken is hier de sociale aanpak voorafgegaan aan de andere werkzaamheden.
• De Oranjebuurt: Het op te stellen ontwikkelplan wordt in deze wijk onderdeel van De Smederijen. In de uitvoering wordt vervolgens de aanpak van de Verzetsbuurt gevolgd.
• Erflanden: ‘Het gat in de geluidwal’ vormt nog een grote blokkade voor Mega, Bouwfonds en Heijmans om activiteiten te ontplooien. Er lag een conflict tussen Mega en de andere partijen op het punt van de kwaliteit. Mega had moeite aan de verlangens van de andere partijen te voldoen. Voor de gemeente is het conflict ondertussen opgelost, en Mega is gestart woningen aan te bieden. Mega is nog niet gestart met de bouw. Daarvan hangt het vullen van het gat in de geluidwal af. De andere partijen brengen indien nodig een noodwal aan, zodat zij met de bouw kunnen beginnen.

Van Heugten (VVD) vraagt op welke manier het gat in de geluidwal wordt gedicht. Waarom doen de drie bedrijven dit niet gezamenlijk, mede gezien de kosten?

Wethouder Van der Zwaag antwoordt dat de verhoudingen tussen de bedrijven dit niet toelieten.
• De Zeven Eilanden: Er is slechts één kandidaat-koper. Misschien dat de gemeente het project over een jaar gaat heroverwegen als de belangstelling zo gering blijft.
Enkele kleinere locaties:
• De Scheperslocatie: De gemeente wil hier zeven woningen realiseren.
• Het Mozaïek: In de vrijkomende school in Hollandscheveld zullen enkele nultredenwoningen worden gerealiseerd.
• De Meander: De school wordt afgebroken en er worden woningen gerealiseerd, in combinatie met verfraaiing van het Reviusplein.
• De Groene Ketting: Dit is het gebied achter Krakeel en Noordscheschut. De gemeente onderzoekt in hoeverre het een winstgevend project is. Als dit het geval is, wordt het naar voren gehaald om geld te genereren voor uitvoering van andere projecten uit de structuurvisie.

Stoefzand (Gemeentebelangen) vraagt of daar de gedachte woonwerklocaties gaan komen.

Wethouder Van der Zwaag zegt dat op dit moment wordt onderzocht wat daar kan, puur om te kijken of het project winstgevend is en of het dan naar voren kan worden gehaald.
• De Groene Driehoek: Samen met Woonconcept bekijkt Jannes van der Sleeden of het mogelijk is een appartementencomplex te bouwen waar een deel van de bewoners van Jannes van der Sleeden zijn intrek kan gaan nemen. Daarna gaat de gemeente samen met de andere partijen proberen het gebied een facelift te geven. Het gebied wordt door bewoners als openbaar domein ervaren, hoewel de gemeente er nauwelijks gronden heeft. De gemeente wil daar een coördinerende rol vervullen.
De wethouder gaat in op de woningbouw in de dorpen.
• Woningbouw dorpen is een apart project dat op een interactieve manier wordt ingevuld. Het gaat om bewoners en andere partijen.
• Er is tijdig overleg gestart om tot een breed draagvlak te komen. De gemeente heeft hiervoor van alle betrokkenen veel waardering gekregen.
• Nadeel is dat het proces veel tijd kost.
• Afspraak was dat elk dorp in februari 2010 een nieuw bestemmingsplan zou hebben. Dat wordt niet gehaald, en wel om de volgende redenen. Ten eerste: overleg met partijen vergt veel tijd. Ten tweede: de gemeente heeft weinig grondbezit in de dorpen, en overleg met grondeigenaren verloopt soms heel erg langzaam. Ten derde: de grondexploitatieregeling in de nieuwe Wro. Hierbij moet de gemeente de kosten verhalen op de ontwikkelende partijen. Het ontwikkelen van een goede systematiek kost veel tijd.
• De wethouder benadrukt dat het proces met al deze hobbels veel van de organisatie vergt. Het geheel duurt door al deze oorzaken langer dan was gehoopt en ook langer dan was afgesproken. Het is nog niet te zeggen hoe het precies verder gaat in de tijd.
• Fluitenberg: De locatiekeuze wordt breed gedragen. De inrichting van de locatie is onderwerp van gesprek. De verkavelingstructuur is opgesteld.
• Pesse: De locatiekeuze is definitief. Gesprekken worden vervolgd. Duurzaamheid wordt apart bekeken om energieneutrale woningen te realiseren.
• Stuifzand: het proces is vrij ver. Er wordt nog met een eigenaar gesproken.
• Tiendeveen: De keuze van de locatie van het multifunctionele centrum was bepalend voor de woningbouw in dat gebied. De keuze is ondertussen gemaakt.
• Nieuweroord: de locatiekeuze moet nog in de raad worden behandeld.
• Noordscheschut: nog voor de zomer komt de locatiekeuze in de raad.
• Nieuw Moscou: De bewoners denken erg verschillend over woningbouw in het dorp. In april vindt nieuw overleg plaats en komt de gemeente met een laatste voorstel. Uiteindelijk zal, bij het ontbreken van overeenstemming, de raad beslissen.
• Hollandscheveld en Nieuwlande: hier is minder noodzaak om tot nieuwe locaties te komen omdat nog kavels beschikbaar zijn.
• De Groene Marken, vlak bij Noordscheschut: Een ontwikkelaar is bezig een plan op te stellen. De provincie stelt hoge eisen aan de inpasbaarheid in het landschap. Het gaat om 45 grote woningen op grote kavels.
• De Kanalenzone: Dit stond gepland voor 2012 en 2013 of later. De gemeente verricht op dit moment een haalbaarheidsstudie.
De wethouder gaat in op het stadscentrum:
• De komende jaren gaat daar veel gebeuren.
• Hoofdstraat-Noord: Er wordt een flinke waterpartij gerealiseerd. Het is een van de eerste projecten, die direct na de Cascaderun start.
• ‘De Kaap’, het zuidoostelijke deel van het stadscentrum: GS hebben aangegeven een flinke bijdrage te willen verstrekken. Binnenkort beslissen PS. In 2009 wordt gestart met het Werkplein en de Schutstraat. In het kader van het Werkplein wordt getracht samen met de eigenaren achter de winkelstraat een plan te ontwikkelen.
• Het Kruis: Hiermee wordt pas na 2012 gestart.
• De wethouder toont een schets van de nieuwe bioscoop.
• Bilderdijk: Het oude plan met tweehonderd woningen is niet doorgegaan. De gesprekken zijn weer opgestart. De stedenbouwkundige inpassing in de rest van het centrum is belangrijk.
• Herinrichting Notaris Mulderstraat: De straat wordt weer tweerichtingsverkeer en de woningen aan de kant van De Kaap worden gesloopt. Die komen terug in het project De Kaap.
• In het project De Kaap is een flinke parkeergarage voorzien. Daarboven vindt bebouwing plaats met tegelijk vergroting van park Dwingeland.

Huijgen (PvdA) vraagt naar de open plekken aan Het Haagje: wat gebeurt daar?

Wethouder Van der Zwaag begrijpt dat het gedeelte tussen het politiebureau en de sportvelden wordt bedoeld. Daar is nog niet veel over te zeggen. Partijen hebben grondposities en er zijn belemmeringen. De wethouder verwacht de komende jaren weinig verandering.

Van Regteren (VVD) stelt een vraag over De Kaap en de parkeergarage.

Wethouder Van der Zwaag vindt de parkeergarage essentieel omdat dan een aantal parkeerterreinen kunnen worden bebouwd zoals het Beukemaplein. Dat gebied is van de gemeente en gedacht wordt aan grondgebonden woningen. Qua kwaliteit moet het lijken op Aardenburg.
De wethouder noemt nog een aantal andere gebieden en geeft de stand van zaken: het stationsgebied en zorgpark Grittenborg. Vanuit het programma wordt veel samengewerkt met andere programma’s en bij overleggen zitten daarom vaak twee bestuurders aan tafel.
Revitalisering De Wieken: Dit verloopt prima. Voor fase 2 is eveneens subsidie verkregen. De voorbereidingen voor fase 2b lopen.
Buitenvaart/Riegmeer: Er is nog een aantal hectares beschikbaar. Toch is het Riegmeer nodig en de gemeente is bezig daar de gronden te verwerven. Het bestemmingsplan wordt gerepareerd en de provincie buigt zich erover.
De wethouder noemt een aantal onderwerpen waar de organisatie druk mee bezig is:
• Bestemmingsplannen: Dit legt een flink beslag op de capaciteit. De digitalisering en de nieuwe Wro spelen hierin mee.
• Monumentenbeleid: Hier is de organisatie mee bezig.
• Grondstructuurvisie.
• Antennebeleid.
• Hoogbouwnotitie.
• Uitvoering visie Landelijk gebied.
• Oost-westas.
• In het kader van het citymanagement wordt nagedacht over een terrassenbeleid en een reclamebeleid. Het citymanagement loopt heel goed, alle partijen doen mee.
• Actualisatie nota Woningen: een vraag hierbij is in hoeverre de gemeente bouwen in landelijk gebied wil nastreven.
• Nieuw omgevingsbeleid van de provincie: Dit is voor de gemeente erg belangrijk. De provincie moet beslissen met welke onderwerpen zij zich bezighoudt en welke volledig onder verantwoordelijkheid van de gemeente vallen. De wethouder roept raadsleden op hun kanalen te gebruiken om mee te praten.

Stoefzand (Gemeentebelangen) stelt een vraag over de actualisatie van de nota Wonen. In hoeverre is er sprake van druk op de woningmarkt in Hoogeveen?

Wethouder Van der Zwaag kan hierover geen duidelijkheid geven. Het punt zal in de te herziene nota Wonen aan de orde komen. De provincie bestudeert het onderwerp ook. Hoogeveen heeft nog plancapaciteit: in de Hoofdstraat-Noord kunnen zo 48 appartementen worden gebouwd.

Reinders (CDA) stelt een vraag over de verschuiving van appartementen naar meer grondgebonden woningen. Komt de discussie over een nieuwe uitbreidingslocatie bij de actualisatie van de nota aan de orde?

Wethouder Van der Zwaag zegt dat die discussie daar inderdaad thuishoort. In dat verband was het volgens de wethouder van wezenlijk belang dat de provincie meedoet bij de ontwikkeling van het stadscentrum. Als het lukt op enkele parkeerplaatsen te bouwen, wordt de doelstelling gehaald en is geen nieuwe uitbreidingslocatie nodig. Inbreiden kent echter een aantal lastige aspecten zoals de contouren van het vliegveld en veiligheid. De wethouder vindt dat het inbreiden vooropstaat en moet worden waargemaakt alvorens naar een uitbreiding te kijken.

Vos (ChristenUnie) vraagt of het college het gevoel deelt dat de regels voor bouwen aangepast moeten worden. Dit is een landelijke discussie en spreker kan zich voorstellen dat het in Hoogeveen anders ligt, en hij wijst op de ervaringen in Elim.

Wethouder Van der Zwaag antwoordt dat voor Hoogeveen het beleid van de beheerste groei is gekozen. Volgens hem is het probleem niet zozeer het bouwen maar het stilvallen van de koop. Er ligt grond klaar om te bouwen en spreker is benieuwd hoe dit in Erflanden zal verlopen. Verder is het aanbod koophuizen erg groot.

Otten (CDA) merkt op dat de ontwikkelaar de huizen in Elim niet kwijt kan. Is het misschien zo dat dit aanbod niet bij de vraag in de markt aansluit? Spreker wijst op de inzet van de wethouder om samen met wooncorporaties te proberen starterwoningen ook echt starterwoningen te laten blijven. De starterwoningen zijn vaak te duur, vooral in de buitendorpen.

Wethouder Van der Zwaag zegt dat deze discussie verschillende kanten heeft. De starters zullen ook naar de bestaande bouw moeten kijken, daar zijn de huizen niet zo duur als nieuwbouw. Marktpartijen weten goed wat gebouwd kan worden. De wethouder weet niet of in Elim de verkeerde woningen staan.

De voorzitter bedankt de wethouder en sluit de beraadslagingen over dit punt.

3. Operationeel beleidsplan Onderhoud Wegen
De voorzitter geeft het woord aan de wethouder.

Wethouder Bargeman leidt het onderwerp in. In de presentatie zal worden uitgelegd waarom de gemeente een operationeel beleidsplan Onderhoud Wegen wil, en waarom nu. De wethouder geeft eerst uitleg over de financiële situatie in de afgelopen jaren. Aanvankelijk was sprake van een investeringsbudget van 2,5 miljoen euro. De afgelopen jaren is dat in achtereenvolgende investeringsrondes teruggebracht naar eerst 1 en uiteindelijk naar 1,1 miljoen euro. Dit is gebeurd ondanks de opmerking vanuit de afdeling dat de gemeente juist het budget had verhoogd naar die 2,5 miljoen euro met het doel een inhaalslag bij onderhoud wegen te kunnen maken.
Deze voorgeschiedenis is voor het college aanleiding om voor de komende tien jaren met een goed operationeel beleidsplan voor het onderhoud van wegen te komen, inclusief voldoende financiën. De wethouder merkt op dat de raadsleden op een iets andere manier dan gebruikelijk naar het wegonderhoud moeten kijken. Hij wil graag na de presentatie met de raad over de conclusie discussiëren, die erg interessant is.

Rients Turkstra verzorgt de presentatie.
Spreker laat eerst een aantal beelden van situaties zien: de Lange Dijk, de Melkweg, Leeuweriklaan en Barsweg. In totaal heeft de gemeente 3,7 miljoen m2 verharding.
De soorten onderhoud die worden onderscheiden zijn:
• normaal en groot onderhoud;
• investeringen in de vorm van rehabilitaties, waarbij de fundering wordt vernieuwd;
• investeringen in de vorm van reconstructies, waarbij ook groen en riool wordt meegenomen. De aanleiding hier is niet het onderhoud zelf.
De budgetten voor exploitatie:
• in 2009 is 1,35 miljoen euro beschikbaar en daarvoor was het rond de 1 miljoen euro;
• in 2010 is 1,5 miljoen en in de twee jaren daarna telkens 1 miljoen euro nodig.
De budgetten voor investeringen:
• in 2004 werd 630.000 euro en in 2008 2,5 miljoen euro geïnvesteerd, inclusief het voorbereidingskrediet;
• in 2009 ging het bedrag terug naar 1,1 miljoen euro;
• puur op grond van technische inspectie is berekend dat de komende acht jaar 28 miljoen euro aan investeringen nodig is om de wegen op orde te houden.
Spreker geeft een overzicht van de investeringen die veel aan het onderhoud hebben bijgedragen.
Over de budgetten merkt Turkstra het volgende op.
De vraag kan worden gesteld of er wel sprake is van een tekort. In Meppel is onderzocht hoe de gemeente zich ten opzichte van andere gemeenten verhoudt. Spreker heeft Hoogeveen vergeleken met andere even grote en vergelijkbare gemeenten: als het gemiddelde op 100 wordt gesteld, zit Hoogeveen op 69 wat betreft het beschikbare budget. Op dit moment beschikt Hoogeveen over 2,45 miljoen euro als investeringen en exploitatie worden opgeteld, terwijl dat op basis van het gemiddelde van de onderzochte gemeenten 3,5 miljoen euro zou moeten zijn.
Spreker gaat in op de risico’s.
De risico’s verschillende per soort onderhoud. Bij exploitatie, dat is normaal onderhoud, leidt uitstel van onderhoud tot kapitaalvernietiging. Rehabilitatie is eerder aan de orde. Als bij investeringen rehabilitatie wordt uitgesteld wordt de kans op bezwijken van de weg groter. Bezwijken deed zich bijvoorbeeld acht jaar geleden bij de Melkweg voor toen een vrachtauto de weg plotseling kapot reed.

Huijgen vraagt of de schade die door een vrachtauto wordt aangericht verhaalbaar is.

Turkstra zegt dat dit alleen mogelijk is als de vrachtauto zwaarder is beladen dan voor die weg is toegestaan.

Huijgen vraagt of bij het ontwerpen van de weg rekening wordt gehouden met de zwaarte van vrachtauto’s.

Turkstra antwoordt bevestigend. Er wordt onder andere gekeken naar het aantal vrachtwagens dat er over rijdt. Bij het ontwerp wordt daar rekening mee gehouden.
Spreker vervolgt het onderdeel risico’s.
De risico’s bij uitstel van reconstructies licht hij toe. Uitstel hoeft soms niets te betekenen. Soms is extra geld nodig.

Stoefzand vraagt wat wordt gedaan bij exploitatiemaatregelen terwijl de onderlagen kapot zijn.

Turkstra zegt dat in dat geval rehabilitatie noodzakelijk is. Dan is een investering in een nieuwe weg nodig.

Stoefzand maakt daaruit op dat repareren ‘voor het oog’ dan geen enkele zin heeft.

Turkstra zegt dat dit klopt.
Spreker vervolgt met het proces tot uitvoering.
Bij exploitatie: Er wordt globaal geïnspecteerd, een keer in de twee jaar. De gegevens worden in de computer verwerkt, waarna er maatregelen uit rollen. Deze worden getoetst, dat leidt tot een praktische planning. Daarna volgt de uitvoering.
Bij investeringen: In de toekomst gebeurt het anders. Er bestaat een lijst op basis van kennis en ervaring die met de ‘flexiemethode’ wordt getest. Voor de toekomst wordt voorgesteld hier een nieuwe manier van werken toe te passen door aan het proces een tweede technische check toe te voegen. Het gaat als volgt: de lijst wordt gecheckt waarna een definitieve lijst met prioriteiten wordt opgesteld. Het belangrijkste criterium voor prioritering is de kans op een ongeval. Het totaal van de definitieve lijst is 28 miljoen euro. Dit is op basis van de prioriteiten over de fasen verdeeld.

Van Heugten (VVD) vraagt wat de nieuwe aanpak precies oplevert.

Turkstra zegt dat dit zo aan de orde komt.

Tuit (PvdA) stelt een vraag over de sheet waar de vijf fasen met de verschillende bedragen zijn aangegeven. Op hoeveel jaren heeft een fase betrekking?

Turkstra zegt dat de sheet de situatie van 2009 weergeeft. In 2010 zal het anders zijn. Dit komt vooral omdat de staat van de wegen moeilijk is te voorspellen vanwege het weer.
Spreker gaat vervolgens in op de kwaliteit.
De afspraak is het wegonderhoud uit te voeren op het niveau BOR-basis. Dit wordt tegenwoordig gemeten via de inspecties die op alle locaties worden uitgevoerd. BOR-basis zit tussen 5,5 en 7,5. De gemeente zit in 2008 gemiddeld op 5,7 en voldoet dus aan BOR-basis. Vanaf 2004 is sprake van een licht stijgende lijn. De gemeente voldoet daarmee aan het niveau basis.
Spreker geeft uitleg over de zwaardere weging van de slecht scorende wegen. 13% van het wegoppervlak voldoet niet aan basis, maar met de weging ligt het gemiddelde erbinnen.
Kwaliteit asfaltwegen: 52% van de asfaltwegen scoort een 10. Hiervan is echter 15% technisch afgeschreven. Dat is aan het oppervlak niet te zien.
Spreker behandelt de sheet Samenvatting en oplossingsrichtingen.
• Kwaliteit: De gemeente blijft sturen op BOR-basis. De ambitie is om elk jaar in het najaar 95% van de verhardingen onder basis te laten vallen. Nu is dat 87%.
• Exploitatie: Op basis van de software en de inspecties is de conclusie dat het budget van 1,35 miljoen euro voldoende is. Wel wordt de inspectieronde een keer per jaar gedaan.
• Investeringen in onderhoud: Met 1,1 miljoen euro per jaar kunnen de komende jaren de huidige categorieën 1, 2 en 3 wegen worden aangepakt. Als wegen in categorie 4 en 5 slechter worden, zal dit bij de inspectie blijken. Geadviseerd wordt het risico op plots bezwijken te accepteren.
• Investeringen in onderhoud: investeringen in elementen ontbreken. Oplossing: bij elke voorjaarsnota wordt een keuze gemaakt of een wegdeel wordt herbestraat of geheel wordt vernieuwd.
De voorgestelde oplossingsrichtingen betekenen wel dat tussen het moment van constateren, de inspectie, en het moment van uitvoering ongeveer twee jaar zit. Bij acute situaties ligt dat anders. Ook kan iets worden geschoven in de prioriteiten.
Een en ander betekent voor een prioriteit 3-weg, de Lange Dijk, dat deze binnen vier jaar wordt aangepakt, mits het past binnen de plannen. De Melkweg, een prioriteit 5-weg: hier wordt niets mee gedaan. Voor de Leeuweriklaan geldt hetzelfde. Barsweg: bij de voorjaarsnota wordt een keuze voor herbestraten of rehabiliteren gemaakt, met aandacht voor het risico op te snel rijden.

Stoefzand wijst op de nadelen van inspecties in het najaar: bewoners en gebruikers blijven nog een half jaar met slechte wegen zitten voordat er wordt gerepareerd.

Turkstra antwoordt dat winterschades door eigen inspecties direct worden aangepakt.

Van Heugten vraagt hoe het gaat bij wegen die in een aangrenzende gemeente doorlopen.

Turkstra antwoordt dat er voor het moment van uitvoering overleg plaatsvindt om werkzaamheden op elkaar af te stemmen. Dit lukt niet altijd. Omleidingen worden uiteraard goed afgesproken.

Otten (PvdA) gaat in op sheet 19, de BOR-gewichten. De gewichten kunnen worden veranderd waardoor een geheel andere uitkomst ontstaat. Hoe zijn de gewichten bepaald?

Turkstra antwoordt dat deze gewichten twee jaar geleden onderdeel waren van het BOR-besluit. Uiteraard verandert de uitkomst als de gewichten worden gewijzigd. Opvallend is dat als alle cijfers even zwaar worden gewogen, de gemeente gemiddeld een 8 scoort.

Otten begrijpt dat de raad deze gewichten heeft vastgesteld. Op grond waarvan zijn de gewichten zo gekozen?

Wethouder Bargeman legt uit hoe de gemeente op de nieuwe manier te werk wil gaan. Bepalend voor het uitvoeren van werkzaamheden is de prioriteitenvolgorde, dit staat los van de gewichten. De gewichten hebben alleen invloed op het BOR-cijfer.

Prigge (PvdA) vraagt hoe de stand van zaken bij de fietspaden is. De ervaring van spreker is dat deze er slechter bij liggen dan de wegen.

Turkstra antwoordt dat de fietspaden er bij in zitten, het zijn de verharde elementen.

Wethouder Bargeman voegt toe dat hij van de CDA-fractie schriftelijke vragen heeft ontvangen over dit punt. De wethouder zal binnen twee weken antwoorden en daarbij ingaan op het onderscheid elementenverharding en asfalt bij fietspaden.

Otten (CDA) blijft het vreemd vinden dat een goed uitziende weg kan bezwijken ten gevolge van een vrachtwagen die ‘er doorheen zakt’. In welke staat bevindt zich de fundering? Is die geheel versleten?

Turkstra legt uit hoe een fundering technisch in elkaar zit. Het hydraulische element in de fundering gaat na jaren scheuren en breekt af. De elasticiteit is eruit. Ondanks dat de bovenste laag er goed uitziet, kan de onderste laag dus slecht zijn. Een voorbeeld was de Melkweg.

Otten vraagt hoe het zit met ernstige vormen van spoorvorming.

Turkstra antwoordt dat bij ernstige spoorvorming de onderlaag onder de fundering niet stevig genoeg is. De fundering en de asfaltlaag zijn elastisch genoeg en vormen zich mee met de druk van het verkeer. Wel ontstaat spoorvorming. Bij erg oude wegen die ‘bros’ zijn van de onderkant, ontstaat geen spoorvorming. Als toch een spoor wordt gevormd, verpulvert meteen de onderlaag.

Van Heugten vraagt of de verkeersberekeningen voor de wegen nog steeds kloppen gezien alle toekomstige ontwikkelingen die in Hoogeveen nog gaan plaatsvinden.

Turkstra legt uit hoe het verkeersmodel werkt. Het huidige vrachtverkeer zit erin, evenals de verwachte groei voor de komende tien en twintig jaar. Zo wordt berekend hoe sterk de weg moet worden. Gezien de plannen ligt een en ander goed op schema.

Wethouder Bargeman geeft aan dat de genoemde bedragen van rond de 1 miljoen euro voor de komende vier jaren voldoende lijken te zijn. Omdat nu de inspecties jaarlijks zullen plaatsvinden, wordt eerder duidelijk wanneer bijvoorbeeld het dubbele bedrag nodig is. Spreker verwijst naar sheet 20: investeringen in het gearceerde deel, het deel dat technisch is afgeschreven, worden uitgesteld.

Otten vraagt hoe de inspecties verlopen als slechts een klein deel van de weg in slechte staat is.

Turkstra geeft uitleg: De weg wordt bij inspecties in kleinere delen geknipt. Het aantal delen van slechte kwaliteit wordt geteld, op basis daarvan vindt een waardering plaats volgens vaste formules. Spreker wil dat graag een andere keer uitleggen.

Otten stelt dat op prijs. Hij vindt de marge binnen het niveau basis erg ruim.

Huijgen stelt een vraag over de elementen aan de rand van de Barsweg. Deze veroorzaken veel lawaai. Spreker vraagt wanneer en hoe wordt besloten tot de aanleg van deze elementen in verband met het gevolg dat te snel wordt gereden. Hoe vindt die afweging plaats?

Turkstra zegt dat als een weg te smal wordt, de berm moet worden verhard, bijvoorbeeld met grastegels. De nieuwste oplossing is bermbeton, dit is duurzaam en leidt niet tot verzakkingen. Geluid is een punt van aandacht, dat wordt onderzocht op de Tuindersweg. Niets doen aan slechte bermen is gevaarlijker dan het hebben van snelrijders.

Toezegging wethouder Bargeman:
Binnen twee weken worden de schriftelijke vragen van het CDA over fietspaden beantwoord, waarbij zal worden ingegaan op het onderscheid elementenverharding en asfalt.

De voorzitter sluit de behandeling van dit punt.

4. Rondvraag
Er wordt geen gebruikgemaakt van de rondvraag.

De voorzitter sluit het blok Informeren.