Verslag  besluiten 14 mei 2009

Aanwezig: J.K. Otten (voorzitter), J. Ballast, R. van de Belt, R.A. Berkenbosch, B. Boersma, B. Bouwmeester, J.W. Braam, S. Brouwer, H.B. Giethoorn, E. van Heugten-Steenbergen, A.W. Hiemstra, G.E.J. Huijgen, L. Hummel, E.R. Klok, K.J. van der Laan, H. Loof, B. Okken, L. Otten, H. Prigge, W. van Regteren, H. Reinders, J.H. Steenbergen, H. Siebering, A.A. Steenbergen, J. Stoefzand, G. Vos, W. Warrink, H. van de Weg en J.P. Wind (griffier).

Aanwezig namens het college: de wethouders A. Bargeman, A. Poutsma-Jansen, K. Smid en W. van der Zwaag.

Afwezig met kennisgeving: de leden J. Bruins Slot en M. Tuit, alsmede de secretaris G.H. de Vries.

Verslag: Z. Jeuring (Notuleerservice Nederland).

De agenda luidde als volgt:
1. Mondelinge vragen raad.
2. Integraal accommodatiebeleid.
3. Vaststellen verslagen van 23 april 2009.


Het volgende werd naar voren gebracht.

1. Mondelinge vragen raad

Van Heugten (VVD) stelt vragen naar aanleiding van een krantenartikel waaruit blijkt dat geen urnenkelders meer beschikbaar zijn.
• Is het college op de hoogte van dit probleem? Wat zijn de oorzaken?
• Is inmiddels actie ondernomen om een oplossing te vinden?
• Op welke termijn wordt een oplossing verwacht?
• Wat is de reden dat deze urnenkelders pas in september kunnen worden geleverd?
• Wat gebeurt in de periode tot september met de urnen?
• Ontvangt de raad zoals eerder toegezegd in juni een voorstel voor het begraafplaatsenbeleid?

Wethouder Poutsma zegt dat het college op de hoogte is. De oorzaak is dat de urnenkelders in een hoog tempo zijn uitgegeven. In 2006 zijn 3, in 2007 8 en in 2008 12 kelders uitgegeven. Voor 2009 stond een uitbreiding met 15 kelders in de planning. Door de snelle uitgifte heeft het college besloten 25 kelders aan te leggen. De aanbesteding hiervoor is geweest en de bestelling van de 25 kelders is gedaan. Afgesproken is dat zodra de eerste 5 gereed zijn, deze direct worden aangelegd. Deze zijn in de week van 8 tot 12 juni beschikbaar. Tot nu toe heeft de Gemeentewinkel nog geen verzoek om een urnenkelder hoeven af te wijzen. De levering in september ging over het totaal van de 25 urnenkelders.
Omdat de termijn tussen een crematie en de plaatsing van de asbus een maand is, hoeft de gemeente geen verzoeken af te wijzen. Daarnaast bestaan andere mogelijkheden: de nabestaanden kunnen de asbus langer bij het crematorium in bewaring geven, de asbus mee naar huis nemen of de asbus in de urnennis plaatsen. De gemeente wil geen nee verkopen bij een verzoek om een urnenkelder omdat deze mogelijkheid wordt aangeboden.
Het klopt dat de raad in juni een brief ontvangt over het begraafplaatsenbeleid.

Van Heugten bedankt de wethouder voor de beantwoording en vraagt of dit is gecommuniceerd naar de uitvaartmaatschappijen.

Wethouder Poutsma zegt ervan uit te gaan dat dit is gebeurd.

Steenbergen (Gemeentebelangen) stelt vragen over de grote hoeveelheid zand die op het Mauritsplein is gedeponeerd. De omwonenden hebben veel overlast. Waarom worden zulke grote hoeveelheden in een woonwijk gedeponeerd? Wie is de eigenaar van het zand? Wat is het doel? Hoelang blijft het nog liggen? Zijn de bewoners op de hoogte gesteld en wat is de kwaliteit van het zand? Hoe kunnen de klachten op korte termijn worden opgelost?

Wethouder Van der Zwaag legt uit dat het zand bestemd is voor de vele werkzaamheden die in het centrum gaan plaatsvinden. Het gehele centrum en de schil eromheen zullen hinder ondervinden. Dit alles als gevolg van besluiten van de gemeente, raad en college.
Uiteraard wordt bij de planning geprobeerd overlast te voorkomen en deze zoveel mogelijk te beperken. Door het droge weer is het zand stuifzand geworden en het is daarom nat gemaakt. In andere gevallen worden soms schermen geplaatst. Het zand is van de gemeente en ligt op eigen grond. Er is nauwelijks een andere plek voor te vinden.
De wethouder zegt toe te zullen bekijken of er alternatieven zijn. De gemeente doet er alles aan om op grond van de klachten van omwonenden de overlast te verminderen.
Wat de kwaliteit van het zand betreft: op basis van monsters worden verklaringen afgegeven dat het zand schoon is.
Het is onduidelijk hoelang het zand blijft liggen. De gemeente kan echter niet voorkomen dat de omwonenden een tijd tegen een bult zand aankijken.

Steenbergen bedankt de wethouder voor de beantwoording en vraagt of wordt overwogen schermen te plaatsen.

Wethouder Van der Zwaag antwoordt dat dit niet is overwogen.

Steenbergen zegt dat het water overlast veroorzaakte.

Wethouder Van der Zwaag zegt dat als dit klopt ernaar wordt gekeken. Spreker zegt tegen Steenbergen dat toch niet verwacht kan worden dat alle overlast wordt voorkomen.

Steenbergen antwoordt dat dit zo is. Spreker vindt ook dat het zand ergens moet worden gedeponeerd. Hij verzoekt het college alle mogelijke moeite te doen overlast voor omwonenden zoveel mogelijk te voorkomen.

Okken (Gemeentebelangen) heeft een ander voorstel: als het langer duurt, kan het zand met worteldoek worden afgedekt.

Snippe (PvdA) stelt vragen over het vinden van een nieuwe bestemming voor de oude bibliotheek aan de Bentinckslaan. De PvdA heeft met belangstelling de werkwijze van het college gevolgd. De oproep aan professionele organisaties voor ideeën die passen binnen de financiële kaders van de gemeente heeft blijkbaar te weinig opgeleverd. Voorgesteld wordt het pand onder voorwaarden bij een makelaar in de verkoop te doen. De fractie heeft de volgende vragen:
• De PvdA vindt net als het college dat het pand behouden moet blijven. Welke voorwaarden worden bij de verkoop gesteld om dit te bereiken en te garanderen?
• Staat het pand op een gemeentelijke of een andere monumentenlijst?
• Wat mag wel en niet in het pand worden gerealiseerd? Mag er worden gewoond of is een maatschappelijke bestemming noodzakelijk?
• Heeft het college gedacht aan een koppeling met het ouderencentrum in het Knooppunt?
• De raadsleden hebben heden een brief ontvangen van de huisartsenpraktijk Stationsstraat. Spreker verzoekt deze brief bij de beantwoording te betrekken.
Spreker merkt nog op dat veel inwoners betrokken zijn bij het oude pand.

Wethouder Van der Zwaag zegt dat de verkoop in eerste instantie niet is gelukt. Onder dezelfde voorwaarden vindt de verkoop nu plaats via een makelaar. De voorwaarden hebben alles te maken met het behoud van het karakter en het uiterlijk van het pand. Slopen is niet aan de orde, dat heeft de wethouder tegen partijen gezegd. Volgens de wethouder heeft het pand geen monumentale status gezien alle verbouwingen.
De huidige bestemming is bijzondere doeleinden. Er mag van alles en bij een andere bestemming is een bestemmingsplanwijziging nodig.
Er is geen koppeling gemaakt met het capaciteitsprobleem bij het ouderencentrum.
De wethouder geeft uitleg over de financiële kaders. De verkoop van dit pand was gekoppeld aan de realisatie van de nieuwe bibliotheek. De nieuwe bibliotheek is tot stand gekomen doordat de gemeente de oude centrale bibliotheek en alle filialen, behalve filiaal De Weide, van het bibliotheekbestuur heeft overgenomen. De aanname was dat doorverkoop van deze panden voldoende middelen zou opleveren om de nieuwbouw te realiseren. Dat is het financiële kader. Als dit niet zou lukken, is een extra krediet noodzakelijk waarvoor de raad toestemming moet verlenen. Het grondbedrijf voorzag niet in een dekking van een dergelijk tekort.
De wethouder heeft de brief van de huisartsenpraktijk nog niet gelezen. Er zijn meerdere plannen voor het gebouw ingediend. Bij elk plan moest een bieding worden opgenomen en gebleken is dat alle biedingen ver beneden de getaxeerde waarde lagen. Het is vanwege de regels in verband met staatssteun niet geoorloofd dat het gebouw beneden een marktconforme prijs wordt verkocht. De situatie ligt anders bij verkoop door een makelaar: dan spreekt de markt en in dat geval is geen sprake van staatssteun.
De wethouder zegt dat in alle openheid een procedure is gevoerd. Met kandidaten zijn indringende gesprekken gevoerd en de wethouder heeft geen toezeggingen gedaan. Nadat de plannen en biedingen waren ontvangen, heeft de wethouder de partijen, vier in getal, gevraagd hun bod aan te passen. De wethouder weet dat dit hem wordt verweten. Dit is in alle openheid en met alle zorgvuldigheid gedaan.
De wethouder vindt het jammer dat de betrokkenen teleurgesteld zijn. Van de gemeente kan niet worden verwacht het pand ver beneden zijn waarde te verkopen.

Snippe bedankt de wethouder voor het heldere antwoord. De wethouder zegt dat het karakter behouden moet blijven en Snippe beluistert dat de specifieke bestemming niet echt wordt benoemd. Is dat een juiste constatering?

Wethouder Van der Zwaag zegt dat niet alles kan. Tegen een plan voor een winkel heeft de wethouder nee gezegd. Er zijn andere functies die wel in het geheel passen.

Van de Belt vraagt of de gemeente, afgezien van de voorwaarden, nog iets heeft te zeggen over wat er met het pand gebeurt.

Wethouder Van der Zwaag zegt allereerst dat het pand niet hoeft te worden verkocht beneden een bepaalde prijs. De bestemming van het pand is altijd afhankelijk van de medewerking van de gemeente. Als een bestemmingsplanwijziging nodig is, zal de kandidaat met de gemeente moeten overleggen of dit tot de mogelijkheden behoort.

Klok (VVD) begrijpt dat de kandidaten geen richtprijs hebben gekregen. Spreker vraagt of de biedingen erg ver uit elkaar lagen.

Wethouder Van der Zwaag zegt dat er geen richtprijs was. De ingediende plannen zijn op basis van een aantal criteria met elkaar vergeleken. De biedingen lagen inderdaad ver uit elkaar.

Klok zegt dat er via de makelaar wel een vraagprijs wordt gesteld.

Wethouder Van der Zwaag zegt dat dit gebruikelijk is bij verkoop via een makelaar. De vraagprijs is bepaald via een taxatierapport.

Klok vraagt of het niet duidelijker was geweest die vraagprijs al in eerste instantie te communiceren.

Wethouder Van der Zwaag antwoordt dat het een soort openbare inschrijving was.

Reinders (CDA) merkt op dat het in het algemeen goed is kaders tijdig aan te geven. In dit geval was het misschien beter geweest tijdig aan te geven wat het pand zou moeten opbrengen. Spreker noemt de brief van de huisartsenpraktijk. Het college heeft veel aan publiciteit gedaan en mensen uitgedaagd met plannen te komen. Spreker begrijpt dat het alleen fout ging op het punt van de geboden prijs: dan zou een tekort zijn ontstaan waarvoor de raad dekking moest zoeken. Spreker begrijpt dat dit de belangrijkste reden is dat geen van de indieners door kan gaan.

Wethouder Van der Zwaag benadrukt dat de biedingen erg ver beneden de taxatiewaarde lagen. De wethouder geeft aan wel ooit gezegd te hebben de taxatiewaarde niet te zullen halen vanwege de beperkingen die op het gebouw liggen. Als ver beneden de taxatiewaarde wordt verkocht, zou de wethouder beschuldigd kunnen worden van staatssteun.

Reinders zegt dat de redenering van de wethouder klopt. Wisten de partijen de taxatiewaarde niet?

Wethouder Van der Zwaag zegt dat dit niet het geval was, het was een openbare inschrijving.

Klok schetst de situatie dat er via de makelaar geen kopers komen.

Wethouder Van der Zwaag zegt dat dit zou kunnen. In dat geval wordt het pand niet verkocht. Als wordt besloten te verkopen tegen een prijs die bijvoorbeeld de helft is van de taxatiewaarde, ontstaan geen problemen met de regels voor staatssteun. Dit omdat nu via de makelaar wordt verkocht.

Klok stelt de brief met vragen van de huisartsenpraktijk aan de orde. Spreker verzoekt het college deze vragen te beantwoorden.

Wethouder Van der Zwaag vraagt zich af of de vragensteller hiermee akkoord gaat.

De voorzitter merkt op dat het gebruikelijk is dat een brief aan de raad in handen van het college wordt gelegd. Het college gaat antwoorden. Bij problemen komt het terug in de raad.

De voorzitter sluit het agendapunt mondelinge vragen van de raad.

Toezegging wethouder Van der Zwaag:
Nagegaan wordt of er alternatieven zijn voor het voorkomen van overlast vanwege de op het Mauritsplein gedeponeerde hoeveelheid zand.

2. Integraal accommodatiebeleid
De voorzitter zegt dat het besluit uit drie onderdelen bestaat. Gezien de bespreking in meningvormen wordt het geheel in bespreking gegeven.

Loof (PvdA) zegt in meningvormen blijk te hebben gegeven van zorg, en achteraf gezien van enige koudwatervrees. De PvdA is overtuigd door de beantwoording van de wethouder en stemt in met de nota.

De raad gaat zonder hoofdelijke stemming unaniem akkoord met de nota Integraal accommodatiebeleid.

3. Vaststellen verslagen van 23 april 2009
De verslagen van 23 april 2009 worden ongewijzigd door de raad vastgesteld.

De voorzitter sluit het blok besluiten.