Verlaat verslag meningvormen 14 mei 2009

Verlaat verslag meningvormen 14 mei 2009

Aanwezig: K.J. van der Laan (voorzitter), J. Ballast, R. van de Belt, R.A. Berkenbosch, B. Boersma, L. Bouwmeester, J. Braam, S. Brouwer, H.B. Giethoorn, E. van Heugten-Steenbergen, G.E.J. Huijgen, L. Hummel, E.R. Klok, H. Loof, B. Okken, J.K. Otten, L. Otten, H. Prigge, W. van Regteren, H. Reinders, H. Siebering, F. Snippe, A.A. Steenbergen, J. Stoefzand, G. Vos, W. Warrink, H. van de Weg, J. Alting, J. Bekkering, H. Bouius, F. Nijland, M. Strolenberg en J.P. Wind (griffier).

Aanwezig namens het college: wethouder A. Poutsma-Jansen

Verder aanwezig: de ambtenaren M. Hacking en A. de Jong.

De voorzitter opent de vergadering en heet iedereen van harte welkom.

1. Spreekrecht
Er heeft zich niemand voor het spreekrecht aangemeld.

2. Integraal accommodatiebeleid
De voorzitter stelt voorop dat in het informerende blok is gevraagd naar de controlerende rol van de raad bij dit beleid. Hij meldt dat het presidium hierover binnenkort met een notitie komt ter uitwerking van de aanbeveling van de rekenkamercommissie over de controlerende rol van de raad.

Loof (PvdA) voert het volgende aan.
Reikhalzend mogen we wel zeggen heeft onze fractie uitgekeken naar dit onderwerp. Al vele jaren wordt er gesproken over een integraal accommodatiebeleid en hier ligt dan een aanzet. Is dit het verhaal waar we zolang naar uit hebben gekeken?
Het moet mij van het hart dat we er flink mee geworsteld hebben en dat het antwoord op voorgaande vraag niet meteen een duidelijk ‘ja’ was.
Uiteindelijk zien we deze nota als een begin van de regie die we als gemeente willen op het maatschappelijk vastgoed dat in gemeentelijk bezit is. De zin halverwege pagina 28 (hoofdstuk aanbevelingen) is wellicht de belangrijkste zin van alle, tamelijk verwarrende documentatie die voor ons ligt: de regie op het gemeentelijk vastgoedbeleid wordt centraal aangestuurd. Ook is/wordt voorzien in een centrale, integrale sturing van het onderhoud, beheer en de exploitatie van het maatschappelijk vastgoed.
Een nota over stenen dus terwijl wij heel lang met een ander beeld hebben geleefd. Misschien een tekortkoming van ons maar toch. Dat andere beeld betrof namelijk dat wij dachten dat het ook over de inhoud ging en dat is niet het geval. We hebben daar wel uitspraken over gedaan vorig jaar oktober. Dat was ons ook gevraagd: uitspraken als inhoudelijke samenwerking = belangrijker dan stenen. Leefbaarheid centraal. Dorpen en oudere wijken hoger prioriteren. Accommodaties als randvoorwaarden en participatie centraal. Dat soort uitspraken dus.
Een integraal accommodatiebeleid houdt voor ons in: de juiste koppeling van mensen en stenen. Dat ligt er dus nu niet.
Op de omschrijving van de sport- en onderwijsaccommodaties hebben we niet veel aan te merken. Voor een belangrijk deel gelden hiervoor allerlei wettelijke bepalingen, verordeningen etc waar gewoon aan voldaan moet worden. De pijn zit ‘m vooral in de buurt- en dorpsaccommodaties. En over wat daar gebeurt en wat we willen dat daar gebeurt of juist niet, enz.
Ons is duidelijk geworden dat om echt te kunnen spreken van een integraal accommodatiebeleid er eerst nog een nota over flankerend vrijwilligersbeleid moet komen en een IHP buurtaccommodaties. Daarin moet de inhoud worden geregeld.
Gezien de voorgeschiedenis en moeizame totstandkoming van deze nota maken we ons daar zorgen over. Waar zeggen we nu precies ja tegen als we instemmen met deze nota? Wil de wethouder dat nog een keer klip en klaar uiteenzetten voor ons?
En, in één moeite door: we willen dat het vrijwilligersbeleid en het IHP buurtaccommodaties nog deze raadsperiode ter besluitvorming worden voorgelegd. We zien de bui al hangen als een nieuw college het op haar heupen krijgt en weer met heel andere zaken aan het werk gaat. Dan is de waarde van dit deze nota voor ons verdwenen. We willen een toezegging, sterker nog: meer dan een toezegging en als we daar niet tevreden over zijn overwegen we in 2e termijn, bij besluitvorming een motie op dit gebied. Voorlopig dus een sterk voorbehoud ten aanzien van ons eindoordeel over deze nota accommodatiebeleid.

Steenbergen (VVD) merkt het volgende op.
De VVD heeft sport en onderwijs zeer hoog in het vaandel staan , de mogelijkheden voor het individu om te ontwikkelen en om iets te bereiken in de maatschappij.
Daarom is het accommodatiebeleid zo belangrijk om de juiste voorzieningen te hebben die meedoen en leren stimuleren .De wijze waarop de accommodaties onderzocht zijn, de levensduur en de functionaliteit zijn beschreven. Voorrang hebben accommodaties met vervangingsnoodzaak en waar een clustering kan plaatsvinden en waar draagvlak voor is.
Voor het samenvoegen van bijzonder en openbaar onderwijs tot een brede school komt steeds meer draagvlak en is een must. Niet alleen fysiek maar ook in de beleving van de kinderen moeten ze naar 1 school.
Om het totale budget te herschikken en in te zetten om multifunctionaliteit te bereiken en daarbij ook het onderwijs te kunnen vernieuwen en moderne gebouwen met klimaatbeheersing te plaatsen is een goede zaak. Ook zal dit de plaats moeten zijn om te combineren met sport en vrijetijdsbesteding
De conclusie dat veel accommodaties kwalitatief onder de maat zijn en verouderd zijn geeft de noodzaak aan van nieuw beleid. Blijkbaar heeft het ihp en het actieplan sportvoorzieningen niet gezorgd dat de accommodaties up to date blijven.

Welke vervolgstappen en welke volgorde is dan van belang, waar kan slim geïnvesteerd worden om functionaliteit te bereiken en waar is er fysieke noodzaak .
Misschien zijn er ook mogelijkheden te investeren in schoolgebouwen samen met commerciële partijen en of bijvoorbeeld woningcorporaties. Zeker op die plaatsen waar mogelijk op termijn de invulling van zo’n gebouw anders moet als de behoefte anders komt te liggen. Een mooi voorbeeld is bijvoorbeeld de school voor bijzonder en openbaar onderwijs in de erflanden. Deze school kan wanneer het leerlingenaantal terugloopt vrij eenvoudig omgebouwd worden naar woningen.
Het zou goed zijn om de knelpunten versneld aan te kunnen pakken in deze tijd zodat mensen werk houden en de gemeente kan profiteren van aanbestedingsvoordelen.
Het accommodatiebeleid leeft de laatste tijd bijzonder, ik denk aan het Anker, Tiendeveen , Nieuwlande en waar we ook geregeld aandacht voor vragen is de binnensportaccommodatie Pesse. Het is blijkbaar lastig om verwachtingen te managen en de juiste berekeningen te maken om mfc’s te realiseren.
Toch zal er misschien wel een versnelling ingezet moeten worden ook gezien het aantal gebouwen ouder dan 40 jaar.
Centrum oost en wolfsbos zijn duidelijk, meerdere gebouwen openbaar en bijzonder onderwijs in combinatie met sportaccommodatie.
Is de derde positie van centrum west zitten nog een paar vraagtekens, er is geen peuterspeelzaal en geen openbaar onderwijs. Is de doelstelling om te komen tot een brede school die een spil in de wijk moet worden dan voldoende onderzocht?
In dit gebied speelt ook het centrumplan en spreken we niet over centrum-oost en centrum-west. In het kader van clustering en draagvlak kunnen er over en weer wel combinaties ontstaan die gezien het centrumplan goed passen.
Daarom zal het goed zijn om ons niet te beperken met het onderzoek naar mogelijkheden tot 2016 maar de urgente accommodaties allemaal mee te nemen in het onderzoek en dan de volgorde bepalen op basis van realisatiemogelijkheden . Dus flexibel hier mee omgaan en gedegen voorbereiden. Het geeft mogelijkheden om er voortvarend mee aan de slag te gaan.

Van de Belt (GroenLinks) sluit zich aan bij de opmerkingen van de PvdA.
Zij vindt het een duidelijk verhaal. Knap werk ook door de betreffende ambtenaren! Haar fractie kan dan ook akkoord gaan met deze nota en de prioritering accommodaties, clustering gebieden en het beleid beheer accommodaties (inclusief het maatwerk) Uiteraard kan men discussiëren over de keuzes die hierin gemaakt worden maar GroenLinks vindt de argumentatie logisch en passend binnen de reeds bestaande visies en plannen.
Nog wel een paar aandachtspunten:
De kern van de zaak is voor ons dat er voor alle burgers in de stad en de wijken voldoende goede en betaalbare ruimte is voor activiteiten die leiden tot sociale samenhang en die bijdragen tot het vergroten van ontwikkelingskansen van mensen. De opmerking ‘ inhoud gaat v oor de vorm’ spreekt ons zeer aan! Toegankelijkheid van de gebouwen voor iedereen zowel fysiek als qua programmering is hierin heel belangrijk. In die zin vinden wij het van wezenlijk belang dat we als gemeente een vinger in de pap houden. Met name de doelgroep jongeren moet een plek vinden in de accommodaties. In dat kader herinneren we nog even aan de bijeenkomst rond het thema ‘ kind en armoede’ waarin de wens om buitenschoolse activiteiten in ALLE wijken breed gedragen werd. Met nadruk op ALLE wijken! En daarvoor moeten we niet wachten tot er andere gebouwen staan of nieuwe samenwerkingsverbanden gestalte krijgen. Niet voor niets scoren speelattributen en activiteiten voor kinderen en jongeren hoog in de verkiezingen van de Smederijen, er is ook daar duidelijk behoefte aan deze zaken! De inhoudelijke synergie die beschreven wordt in deze nota zien wij graag ontstaan!
Ontwikkelen van flankerend vrijwilligersbeleid is heel belangrijk! Zonder vrijwilligers geen MFC’s! Jaarlijkse toetsing van het accommodatiebeleid is prima.

Warrink (ChristenUnie) voert het volgende aan.
Boven mijn bijdrage zou ik willen zetten: de mens is een sociaal wezen. D.w.z. dat hij pas tot zijn recht kan komen in relatie tot met andere mensen. Daarom was en is de visie van e ChristenUnie, verwoord in het verkiezingsprogramma: van ik naar samen. Dit is ons uitgangspunt bij de beoordeling van het integraal accommodatiebeleid 2010-2020. Wat ons betreft gaat dit dan ook een laag dieper dan wat in de nota wordt genoemd; inhoud is leidend. Als ik de nota goed lees, wordt met inhoud de activiteit bedoeld. Wij gaan een stap verder: het moet gaan om sociale cohesie, om mensen tot hun recht te laten komen in deze samenleving. Daarvoor is educatie, sport, ontspanning en ontmoeting van groot belang. En een middel om dit te bereiken zijn daarvoor accommodaties. Accommodaties zijn dus geen doel op zich!! Het accommodatiebeleid kan en mag dus nooit los gezien worden van het sociale beleid en de sociale pijler! En uiteindelijk gaat het om de sociale cohesie in de samenleving te bevorderen en het maatschappelijk effect dat we beogen.
Tot zover de kaders van waaruit de ChristenUnie de Nota beoordeeld heeft. Daarbij is er veel waardering, maar zijn er ook een aantal punten, waar wij het vanavond voer willen hebben en ook graag de mening van andere fractie vernomen. Het daarbij om 3 punten, t.w.:
1.    multifunctionaliteit,
2.    over het stimuleren van vrijwilligers en
3.    over de betrokkenheid en de positie van de raad in het verdere vervolg.
Allereerst wil onze waardering uitspreken voor de nota. Het is een heidens karwei geweest om de staat van onderhoud van de accommodaties in onze gemeente inzichtelijk te maken en om tot een verantwoorde afweging van prioriteiten te komen. Het heeft tijd gekost, maar hiermee hebben we wel een document waar we mee vooruit kunnen. Alle lof!
Multifunctionaliteit
In de nota worden verschillende argumenten genoemd om het multifunctioneel gebruik van accommodaties te stimuleren. Wij sluiten ons daar graag bij aan (samenwerken, samengaan en fysiek). Willen daar nog graag een argument aan toe voegen. Multifunctionele gebouwen en gebouwen die multifunctioneel gebruikt worden, daar is vaak ook het beheer en het onderhoud makkelijker en professioneler te regelen.
Maar ook hier geldt dat multifunctionaliteit geen op zich is, maar een middel om maatschappelijke doelen te verwezenlijken. Wij hebben de indruk dat als de samenwerking vanaf de basis niet direct lukt, te snel wordt overgegaan op plan b. (niet multifunctioneel). Graag citeren we hierbij de sociale structuur visie waarin staat: Bij ontwikkeling van voorzieningen is multifunctioneel gebruik een vaste leidraad. We horen ook graag de mening van andere fracties op dit punt.
Beheer, met name bij buurt- en dorpshuizen
 In deze situaties wordt het beheer vaak geregeld door vrijwilligers. Hier zitten dan ook vaak de grootste problemen. Eigenlijk gaat het hierbij over vrijwilligersbeleid. De fractie van de ChristenUnie heeft onlangs een rondetafelconferentie gehouden over het vrijwilligersbeleid. Punten, die hieruit naar voren kwamen zijn:
1.    Vrijwilligers willen graag waardering
2.    Vrijwilligers willen graag ingezet worden in het verlengde van hun persoonlijke kwaliteiten
3.    Overheid moet waken voor een te grote druk als gevolg van wet en regelgeving.
Daarom lijkt het ons een goede zaak dat de gemeente vrijwilligers juist ondersteunt op punten mogelijk weinig kwaliteit aanwezig is onder vrijwilligers. Denk hierbij aan o.a. advisering onderhoud, administratie, aanvraag subsidie, scholing met betrekking tot relevante wet en regelgeving. Met nadruk stellen wij aanbieden, dus besturen die voldoende kennis in huis hebben zijn niet verplicht deze diensten af te nemen. Hiermee wordt voorkomen als overheid betuttelend te zijn.
Structuur
In het raadsvoorstel wordt vooral van de raad een uitspraak verwacht over de hoofdstukken 4, 5 en 6 van de nota. Toch wil graag nog iets zeggen over hoofdstuk 9 aanbevelingen. Hier wordt een structuur geschetst met werkgroepen IHP leert, ontspant en zorgt. Met daarboven een overkoepelende werkgroep. Dit lijkt ons een goede manier van werken. Wel blijft relevant, wanneer de raad betrokken wordt bij de verdere uitvoering. Hierbij willen wij niet in de rechten en verantwoordelijkheden van het college treden. Wel heeft het verleden geleerd dat met name bij grote projecten, de positie van de raad een onduidelijk is. Kijk naar de opmerkingen die de rekenkamercommissie heeft gemaakt in haar rapport “Publiek werken, publiek verantwoord”. Ik weet wel, dit is geen project, maar in deze nota wordt het beleid voor de komende 10 jaar vastgelegd, maar het lijkt ons goed om hierover afspraken te maken hoe en wanneer de raad wordt geïnformeerd. Daarbij is voor mijn fractie van belang op grond van welke (externe)factoren wordt afweken van de prioritering zoals in de nota is opgenomen. Omdat dit een punt is dat ook bij andere onderwerpen speelt, is het misschien dat het presidium zich hier nog eens over buigt (punt voor werkconferentie 3?). Verder kunnen wij op dit moment leven met de toezegging van de wethouder, gedaan in de vorige vergadering, dat wij middels voorjaarsnota, begroting en jaarrekening worden geïnformeerd. Dan gaat het niet om lijst met welke gebouwen worden gerenoveerd (als voorbeeld) maar wel om de motivatie, het beoogde maatschappelijke effect!
Afrondend merkt Warrink op dat het een prima notitie is. Wel plaatsen wij een paar kanttekeningen, waar mogelijk ook andere partijen nog op willen reageren. Het gaat hierbij om:
1.    Multifunctionaliteit
2.    ondersteuning vrijwilligers
3.    betrokkenheid van de raad.

Stoefzand (Gemeentebelangen) brengt het volgende naar voren.
Als raad hebben we kans gehad schoten voor de boeg te geven. Op tal van punten is daar ook gehoor aan gegeven.
Ook de inspraak is goed gevoerd waaruit tap van aanknopingspunten zijn gekomen.
Al met al loopt het traject al een aantal jaren.
Al met al is er een stuk tot stand gekomen waar we de toekomst mee in kunnen.
Gemeentebelangen kan akkoord gaan met de stelling dat de inhoud leidend is. Zie raadsvoorstel. En inhoud dik onderstreept. Inhoud bepaalt wat er aan en voor accommodatie moet komen. Multifunctioneel waar dit kan en waar dit nodig is.
En nog belangrijker als daar draagvlak voor is. Dit laatste draagvlak is van groot belang.
Daarnaast speelt achterstand een grote rol de zogenoemde aandachtsgebieden.
Gemeentebelangen is het dan ook zeker eens met een aanpak waarbij deze gebieden voorrang krijgen. Belangrijk is het dat er samenhang is tussen de verschillende programma’s.
Leert, ontspant en zorg.
Zojuist zei ik aandachtsgebieden. U schrijft dat deze voorrang krijgen en dat er kwalitatieve verbetering wordt na gestreefd. Gemeentebelangen is hier mee akkoord.
Maar de andere gebieden. Zo u aangeeft eigenlijk zijn er gebouwen en ruimten genoeg maar ze voldoen niet aan de huidige eisen. Dit is een gegeven. Wat wordt hiermee gedaan?
Een gebied wat niet onder een aandachtsgebied valt heeft ook zijn of haar problemen.
Gemeentebelangen heeft het nu niet over die gebouwen die aan vervanging toe zijn dan wel opname in een nieuw plan, maar gebreken vertonen die de werksfeer van meestal vrijwilligers beïnvloeden.
Onze fractie vraagt aandacht voor het vrijwilligers en het bestuursbeleid. 
Voor de gebouwen de nodige aandacht en uitvoering.
Dit beleid gaat voor de komende tien jaar. Hoe houden wij als raad hier grip op.
De voorzitter heeft aan het begin het gras voor onze voeten weg gemaaid maar de fractie
Gemeentebelangen vraagt hier wel heel nadrukkelijk aandacht voor.
Geen onbelangrijk doel is maatwerk.
Met maatwerk bedoelt de fractie van gemeentebelangen ook dat er afstemming plaats vindt met andere gebouwen die ook beogen ruimte te creëren voor bijvoorbeeld ontspanning.

Brouwer (CDA) geeft de mening van haar fractie als volgt weer.
Vanavond dan het Accommodatiebeleid. Een onderwerp, dat ons al een aantal jaren bezig houdt. We zijn blij dat er nu een voldragen voorstel ligt. Waar we wat mee kunnen.
Zoals ik al in de vorige raadsvergadering heb gezegd, kunnen wij ons voor het overgrote deel vinden in de gepresenteerde nota. Ook vinden wij als CDA een groot aantal zaken terug, die wij ook vermeld hebben bij de vergadering in oktober 2008. Wij konden toen als raad de wethouder een aantal opmerkingen mee geven, ofwel schoten voor de boeg. We hebben destijds de volgende zaken benoemd: prioriteit aan het onderwijs; prioriteit  aan oude scholen; draagvlak belangrijk;  inhoud staat voorop enz.
 Achteraf zijn we tevreden over deze werkwijze en willen graag bij belangrijke zaken deze werkwijze steeds terug zien.( Het kan ook in de vorm van een startnotitie natuurlijk) Graag reactie van andere raadsleden.
1.Voorzitter u vraagt of wij het eens zijn met de uitgangspunten die in de nota vermeld staan; de synergie, multifunctioneel accommodaties, multifunctionele omgeving en de meerwaarde daarvan.
Verder vraagt u onze mening over de uitgangspunten voor prioritering fysiek en functionele noodzak en stapeling van problematiek.
Voorzitter daar zijn we het mee eens, kan ik kort zeggen.
Een aantal genoemde kaders willen wij als CDA graag extra benadrukken:
-Draagvlak. MF heeft een meerwaarde. Mf heeft voorrang, is effectief. De gebouwen worden op deze manier effectief gebruikt. Maar er moet wel draagvlak voor zijn. Mensen moeten er samen hun schouders onder willen zetten. We moeten ook reëel zijn. Geen worsten voor houden. Ook terugvragen van inzet van bewoners. We zijn het helemaal eens met de opm. op blz. 19 “Dit betekent dat wij van clustering afzien indien daarvoor te weinig draagvlak bestaat.
-Onderwijs zwaar wegend. In ieder het meeste gewicht wordt aan het onderwijs toegekend. Uw uiteenzetting over het woord prioriteit in de inspraakreacties kunnen we onderschrijven.
-gemeentelijke inbedding. Goede regie gemeente . Wanneer er ook binnen de gemeente langs elkaar gewerkt wordt, heeft dit zijn weerslag op het realiseren van de accommodaties.
-behoud van identiteit. Dit vinden we als CDA een groot goed. Willen we behouden. Maar het kan goed samengaan met het beleid van de multifunctionele centra.
2 Verder wordt ons gevraagd in te stemmen met de lijst van prioritering van realisatie van de accommodaties.
Ook mee eens. Als CDA zetten we daarbij de volgende kaders:
Tijdpad; Het CDA vindt dat er behoorlijk getrokken moet worden aan het realiseren van deze doelstellingen. Wees reëel. Wees duidelijk. Bij inspraak alleen echte reële opties de burgers voorhouden. Trek niet aan een dood paard. Pak door daar waar het mogelijk is.
Financiën. Het budget is taakstellend. Tijdens de begroting hebben we al gezegd dat we denken dat we hier niet mee uitkomen. Een overweging die we meegeven is toch ook te kijken naar de inverdieneffecten. We denken toch dat dit positief kan uitvallen.
3 Als derde vraag punt is; het beheer van de accommodatie vast te stellen. Voorstellen voor groot onderhoud en dagelijks beheer worden gedaan. Wij zijn het daarmee eens.
Ook is voor ons de vrijwilliger een belangrijk kader. Zorg goed voor ze. Er worden een paar goede suggesties gedaan op blz. 22. Neem het beheer niet over van de vrijwilligers. Maar ondersteun ze. We zijn trots op de vele vrijwilligers die werken in de accommodaties die we hebben. Ze moeten het gevoel krijgen erbij te horen. Ook bij zowel de gemeentelijk als de niet gemeentelijke accommodaties. Iedereen krijgt een vorm van ondersteuning. Daarom maken ze in de toekomst ook allemaal deel uit van het IAB
4 Een laatste opmerking:
Tot nu toe werd het beleid voorgesteld via de IHP’s. Vooral het IHP Onderwijs werkte goed. Het doet ons deugd dat deze werkwijze niet verlaten wordt, zelfs wordt uitgebreid.
Binnen de drie IHP’s worden voorstellen gedaan met betrekking tot de accommodaties ook de inhoud is een belangrijk onderwerp. In het IHB volgt de afstemming en bewaking en wordt draagvlak verkregen.
5 Rol van de raad
Jaarlijks wordt het integraal accommodatiebeleid getoetst en eventueel bijgesteld. Jaarlijks wordt de raad hierover geïnformeerd. We willen dat de raad dan wel op een heldere wijze geïnformeerd wordt. Hoe gebeurt dit dan? We denken dan aan het fysieke en het inhoudelijke!
We willen hierover ook graag een reactie van de andere fracties, dus hoe willen we hier jaarlijks over geïnformeerd worden? Het gaat wel over 40 miljoen. Het CDA denkt hierbij ook aan het rekenkameronderzoek over grote projecten. Vooral dan de opmerkingen, die gemaakt zijn  over de rol van de raad. Met name de controlerende taak van de raad is niet altijd duidelijk omschreven bij dergelijke grote projecten. Daar ontbrak wel het een en ander aan. Volgens ons, CDA, voldoet het niet om een en ander bijvoorbeeld alleen in een investeringsprogramma terug te moeten lezen. Graag reactie!
Ook is het een oproep aan het presidium om hier verder handen en voeten aan te geven.

Wethouder Poutsma geeft aan dat de Nota integraal accommodatiebeleid een eerste stap is. Met het integraal accommodatiebeleid is een methode gevonden om drie ihp’s in elkaar te schuiven. Nog in deze collegeperiode komen er voorstellen voor een vervolg. De in de nota opgenomen lijst is een gevolg van een proces van prioriteren en clusteren. Naar aanleiding van de opmerkingen van de PvdA geeft de wethouder aan dat ook het flankerend beleid nog in deze raadsperiode aan de orde komt. Bij de uitwerking wordt bijvoorbeeld aandacht besteed aan de jongeren, de buitenschoolse activiteiten en het vrijwilligersbeleid. Zij heeft nota genomen van de door de fracties aangedragen punten. Met de verschillende fracties is zij het eens dat de inhoud leidend moet zijn. Het budget is taakstellend, waarbij er inverdieneffecten kunnen optreden.

Naar aanleiding van een opmerking van de Steenbergen (VVD) over de wenselijkheid scholen die gebruik maken van een accommodatie meer te integraal van de accommodatie gebruik te laten maken, vindt een principiële discussie plaats over scholen van verschillende richting in een gebouw. Reinders CDA en Braam ChristenUnie benadrukken hierbij dat de eigenheid van die scholen niet moet ondersneeuwen.
Steenbergen (VVD) ziet het als een winstpunt dat kinderen in een wijk of dorp naar één school gaan.
Brouwer (CDA) vraagt of Steenbergen het bijzonder onderwijs dan wil opheffen?
Siebering (PvdA) spreekt zijn verwondering er over uit, dat Brouwer reageert als door een wesp gestoken. Hij heeft begrepen dat Steenbergen één schoolgebouw bedoelde.
Steenbergen bevestigt dat.
Siebering merkt op dat als we spreken over samenwerken en er wordt bestuurlijk aan het begin al zo fanatiek gereageerd, dan heeft samenwerking volgens hem een negatieve start.
Reinders (CDA) vraagt of Siebering vindt dat er één school voor alle kinderen zou moeten komen?
Siebering antwoordt dat wat hem persoonlijk betreft hij dat prima zou vinden, maar dat hij zich heel goed realiseert, dat hij dat niet zal meemaken voor het zover is. Bovendien gaat de raad daar niet over. Waar hij op reageerde was de felle reactie aan de voorkant van een samenwerkingsproces.
Steenbergen is het met die zienswijze eens.
Braam (ChristenUnie) benadrukt dat de vrijheid van onderwijs in de Grondwet staat.
Siebering erkent dit. Daarom zei hij dat de raad daar niet over gaat, maar dat verbiedt je niet om een droom te hebben.
Klok (VVD) vraagt voor alle duidelijkheid of het klopt dat het CDA geen moeite heeft met fysieke scheidingen in scholen.
Brouwer antwoord bevestigend.
De voorzitter beëindigt hiermee de discussie.

De voorzitter constateert dat het voorstel in het blok besluiten aan de orde kan komen.

3. Rondvraag
Er wordt geen gebruikgemaakt van de rondvraag.

De voorzitter sluit het blok meningvormen.